23 mei 2006

Jacobus Arminius

Jacobus Arminius werd in 1559 of 1560 geboren in Oudewater. Op het moment van zijn geboorte was zijn vader, een wapensmid, al overleden. Jacobus Arminius werd opgevoed door Theodorus Aemilius, een priester met protestantse sympathieën. Omstreeks 1572 verhuisde Arminius met Aemilius naar Utrecht. Waarschijnlijk studeerde Arminius daar aan de Hieronymusschool. Nadat Aemilius in in 1574 of 1575 overleed, kwam Arminius in contact met de wiskundige Rudolphus Snellius, die ook uit Oudewater kwam. Snellius liet Arminius studeren in Marburg, waar Snellius hoogleraar was. In 1576 schreef Arminius zich als student vrije kunsten en theologie in aan de Universiteit van Leiden. Tijdens zijn studie viel hij zo op, dat hij van het kramersgilde van Amsterdam een beurs kreeg om verder te studeren in Genève. Arminius studeerde daar onder de opvolger van Calvijn, Thédore Béza. Na zijn studie in Genève reisde hij in 1586 naar Italië. In 1587 werd hij beroepen als predikant in Amsterdam.

Het daarop volgende jaar werd Arminius bevestigd als predikant van de Oude Kerk. In Amsterdam trouwde hij in 1590 met Lijsbet Reael (1569-1648). Vanaf 1591 werd Arminius aangevallen door zijn collega-predikant Petrus Plancius, vanwege Arminius' vrije interpretatie van de predestinatie. In 1593 werd hun ruzie gesust.

In 1603 werd Arminius hoogleraar theologie in Leiden. Zijn collega-hoogleraar Franciscus Gomarus protesteerde hier heftig tegen. Vrijwel direct, in 1604, kwamen de hoogleraren met elkaar in botsing. Hun conflict draaide tevens om de predestinatie. Voor Gomarus lag het al voor het begin van de Schepping vast wie verdoemd zou zijn en wie uitverkoren was, voor Arminius was dit niet het geval. De Amsterdamse predikant Plancius mengde zich in de strijd en koos partij voor Gomarus. Al snel groeide het religieuze meningsverschil uit tot een nationale, politieke strijd. In 1607 werd een commissie in het leven geroepen die het conflict moest beslechten. Pas in 1618 zou tijdens de Synode van Dordrecht besloten worden dat de leer van Gomarus de leer van de Gereformeerde Kerk was.

Om het conflict te stoppen werden Arminius en Gomarus opgeroepen voor het Hof van Holland en de Staten van Holland te verschijnen. Dit loste niets op. In 1609 belegden de Staten van Holland een nieuwe zitting om de theologen bij elkaar te brengen. Arminius moest deze zitting wegens ziekte verlaten: hij stierf in Leiden op 19 oktober van dat jaar. Zijn volgelingen, de remonstranten, scheidden zich na de Synode van Dordrecht af van de Gereformeerde Kerk.